Bouman's Blog

Leven en werken in Roemenië

Archief voor de maand “juli, 2009”

Heb jij wat van me aan?

Vijf decennia zuchten onder een regime waarvan de helft van de bevolking (zo schijnt) de andere helft moest afluisteren heeft Roemenen bijzonder achterdochtig gemaakt. Mensen spreken vaak niet uit wat ze denken en complottheorieën zijn hier dagelijks brood. Daarnaast heeft vijftig jaar lang dictatoriale televisie (2 uur per dag, waarvan 1 uur toespraken van de Conducator) en pers (de berichtgeving was niet erg afwisselend: Ceausescu geweldig, het westen slecht) een grondige achterdocht voor media gekweekt. Mensen moesten het echte nieuws via de tam-tam vernemen.

Tel deze twee bij elkaar op en je krijgt een samenleving waarin mensen aan de ene kant gericht zijn op wat andere mensen ze vertellen om aan nieuws te komen, in plaats van op de media. En waar diezelfde mensen elkaar dus niet geloven vanwege de complottheorieneiging. Zo komt het dat communicatie niet altijd even eenvoudig is in dit land. Een aanrdig contrast daarbij is dat pogingen tot verfluweling en verdoezeling van zaken door de oudere generatie (want je woorden zouden eens verkeerd begrepen kunnen worden door de Securitate) plaats heeft gemaakt voor een soms zelfs voor Nederlanders opmerkelijke botheid in gesprekken. Als in Nederland een medewerker over een collega zegt dat hij ‘niet begrijpt wat die hier doet’ dan is er sprake van een ernstig conflict. In Roemenië kan men dit zeggen en met hetzelfde gemak daarna weer overgaan tot de orde van de dag.

Deze directheid heeft ook een visuele uiting. Vooral jonge Roemenen zullen een buitenlander ongegeneerd aanstaren alsof diegene hun kleren aanheeft (in plaats van andersom: je komt vooral op het platteland regelmatig mensen tegen met tweedehands Nederlandse t-shirts). Terwijl men, vooral hier in Boekarest, toch echt wel wat gewend is. Bovendien heeft iedereen toch televisie tegenwoordig.

Een kleine aanvaring

In veel miljoenensteden op deez’ aard is het verkeer om over naar huis te schrijven. Het aardige is dat in steden waarvan anderen zeggen dat het er een chaos is, mensen toch van A naar B gaan iedere dag. Die mensen hebben trouwens zelf ook weer verwijzingen naar steden waar het nóg erger is. Boedapesters verwijzen naar Boekarest, Boekaresters naar Istanbul.

Overigens vind ik het zelf wel meevallen in vergelijking met de verhalen, alleen linksaf slaan op een serieus kruispunt blijft een hachelijke onderneming. Vooral wanneer – en op ‘ons kruispunt’ gebeurt dat vaak – de stoplichten het voor gezien houden.

Parkeren heeft ook zo wat voeten in de aarde, en hoewel Titan van alle wijken binnen de stad zo’n beetje de meeste parkeergelegenheid heeft, is het ook voor onze flat regelmatig dringen. De gemeente heeft ook gemeend een gedeelte van de straat voor de flat met paaltjes te moeten afzetten, zodat het inparkeren nu alleen nog voor waaghalzen is weggelegd.

paaltjesstoep

o wee als uw draaicirkel wat groter is

Wij waren laatst de servicekosten aan het betalen bij de mevrouw die iedere donderdag haar tafeltje uitklapt in de hal, en bekloegen ons over het feit dat iemand onze ruitenwissers had omgebogen. Dat is een gangbare praktijk in Boekarest als iemand je erop wil wijzen dat je op zijn plek hebt geparkeerd. Wij hadden echter geparkeerd op de ons daartoe door de Administrator van de flat aangewezen plaats (haar man d’r auto was al een half jaar kapot). En tóch de ruitenwissers omgebogen (niet dat ze kapot gaan hoor, je buigt ze zo weer terug).

Onze buurman, de heer Toma die alles weet, vermoedde dat het kwam omdat we schuin geparkeerd hadden, dat wil zeggen diagonaal over het vak. Dat was ook zo, maar dat had ik alleen gedaan omdat de buurman het ook deed. TIjdens dit gesprek kwam er een Hyundai aan (zo’n auto waardoor je denkt: tegenwoordig lijken alle auto’s op elkaar), parkeerde naast die van ons en zo diagonaal dat hij anderhalf vak in beslag nam.

De bestuurder kwam even later de flat in en het gesprek bij de ingang viel stil. De mevrouw die de servicekosten in ontvangst neemt zei enigszins bedeesd dat hij weleens wat rechter mocht parkeren. Ik begreep door de mij toegeworpen blikken dat dit nu de man was die weleens mijn ruitenwissers omgebogen had kunnen hebben.

Ik besloot dit na te gaan, en vroeg aan de man, of dat zijn auto was die daar stond geparkeerd. En wat dan nog? Nou, hebt u dan mijn ruitenwissers omgebogen gisteren? Als dat zo is, wat dan nog? Goeie vraag. Maar voordat ik het gesprek voort kon zetten besloot de man blijkbaar dat het geen zin had en liep zonder boe of bah naar de lift. Ondertussen werd ik gemaand het er bij te laten, onder de vermelding dat het hier om een ‘nesimțit’ ging.  Het was eigenlijk voor mij een eerste aanvaring, of eerder afvaring, met een dergelijk figuur. Het schijnt een voor Boekarest kenmerkende karaktereigenschap te zijn, ‘nesimțire’, en betekent zoveel als: ‘brute onverschilligheid’. Precies: een aso.

Wij gingen maar naar de supermarkt.

Berichtnavigatie