Bouman's Blog

Leven en werken in Roemenië

Archief voor de maand “april, 2010”

Aargh

Er gaan over verzekeringsbedrijven in Roemenië de verschrikkelijkste verhalen. Allemaal waar, dat verzeker ik u. Ook wij kunnen erover meepraten. Dat het in ons geval om de firma Carpatica Asigurări gaat, zal ik niet onthullen. Dat zou flauw zijn. 

Een reisverzekering is iets dat wij graag bij gelegenheid aanschaffen. Je zal, per slot van rekening, maar een been breken. Helaas herinneren we ons dit vaak pas op het vliegveld, waar je slechts de keus hebt uit twee verzekeringsmaatschappijen. Ik heb ook weleens geprobeerd na aankomst op Schiphol een reisverzekering af te sluiten, maar daar trapten ze niet in. 

Die twee verzekeringsmaatschappijen zijn beide even slecht. Dat hebben wij proefondervindelijk vastgesteld. De ene heeft ons een claim van een paar honderd euro door de neus geboord vanwege de kleine lettertjes. Op zich is het natuurlijk eigen risico als je die niet leest, maar in dit geval was ons eerst ruimschoots verzekerd dat de claim wel degelijk gehonoreerd zou worden. 

De andere verzekeringsmaatschappij is dus die Carpatica. Is ook een bank van, maar dat terzijde. Toen we bij hen ziekenhuiskosten wilden declareren, moesten we zaken doen via een tussenpersoon, Coris. Die waren maandenlang niet in beweging te brengen, totdat Ana per telefoon ze even de oren heeft gewassen. Alles was ineens geregeld, we hoefden alleen nog maar even de originele facturen te komen brengen. 

Dus ik met die facturen naar hun kantoor. Wat bleek: ze hadden het dossier gewoon afgesloten en overgedragen aan de verzekeraar zelf. Originelen? Die moet u opsturen naar Sibiu, meneer. Pff. 

Een maandje na het opsturen niks gehoord, dus maar weer even gebeld. Ze hadden de documenten ontvangen, maar er waren nu weer een hele hoop andere documenten nodig. Waar niemand het van tevoren over gehad had. Waaronder bijvoorbeeld de hele medische voorgeschiedenis van betrokkene. Hoe kon ik die documenten het beste opsturen? Gewoon naar een van onze kantoren in Boekarest gaan, die regelen de rest. Ook bij kantoor X? Ook bij kantoor X. 

Bij kantoor X aangekomen bleek dat daar heel aardige mensen werkten, die evenwel ‘niet over de juiste formulieren beschikten’. Mijn suggestie om ze dan even te downloaden van het netwerk en te printen veroorzaakte beschaafde hilariteit. Nee, het enige kantoor waar deze formulieren waren was in het centrum. Ik met de taxi naar het centrum. De ingang van het gebouw was een zijdeurtje, waarachter een tragisch kijkende bewaakster. Wat komt u doen? Zo-en-zo. Volgens mij is dat niet hier, maar sowieso zijn ze gesloten, ze gaan om vier uur dicht. Hoe laat is het dan? Acht over vier. 

Je kunt zeggen wat je wilt, maar die sluitingstijden zijn in ieder geval een zekerheidje…

How I learned to stop worrying and love IKEA

In iedere reisgids over willekeurig welk land kom je tegen dat het ‘een land van contrasten’ is. Zelfs Nederland, met zijn oneindige laagland, dom kijkende koeien en monotoon zeurende burgers wordt in de gids vercontrasteerd. Vrij naar Herman: De tulpen zijn blauw, de tulpen zijn groen – in Holland is altijd wat te doen. 

Enfin. In Roemenië is dat van die contrasten ook echt waar. Daar zal ik het nog wel vaker over gaan hebben. Ik zou honderden voorbeelden kunnen noemen, maar ik beperk me hier even tot de duurzame consumptiegoederen. Vanwege een recente verhuizing hebben we een hele berg meubels nodig, dus de hele stad afgestruind naar wat wij thuis ‘leuke winkeltjes’ noemen. In Utrecht vonden we soms iets in een artsy grachtenpand, dan weer in een stoffige kelder, bij de kringloopwinkel of op de meubelboulevard – genoeg aanbod in de categorie ‘geen eenheidsworst, maar wel betaalbaar’. Ik liep dan ook met een grote boog om de Ikea heen, want die zaak is er verantwoordelijk voor dat je in iedere Europese huiskamer tegen een Billy aanloopt. De McDonaldization of interiors, om George Ritzer te parafraseren. 

In de categorie ‘leuke winkeltjes’ heb ik in Boekarest echter 0 resultaten gevonden. Genoeg winkelketens waar in de showroom de planken al uit de kast donderen, met van die in authentieke Mexicaanse motieven opgeverfde plastic siervoorwerpen. Genoeg boetieks ‘de fițe’ waar alles belachelijk duur is want ontworpen door Zorro Zamboni, plus ze hebben nooit wat op voorraad. Maar de middenmoot is er niet. Geen normale winkels met normale prijzen waar je toch nog wel eens iets leuks aantreft. Ook met kleren is dat trouwens zo: je kunt nepwollen truien uit China krijgen voor 5 euro, je kunt een Gaultier krijgen voor 500 euro, maar iets van een Hema kan je vergeten in deze contreien. 

Dus als iemand mij vraagt waarom wij het toch in ons hoofd halen om de hele binnenboel uit de Ikea te slepen en ook nog zelf in elkaar te schroeven: daarom dus. En inmiddels vind ik het ook wel best. Vrolijke kleuren, ballenbak om me uit te leven, Zweedse balletjes aan het buffet. En nu ga ik de planken in mijn Billy monteren.

Berichtnavigatie