Bouman's Blog

Leven en werken in Roemenië

Archief voor de maand “november, 2011”

Dictatoriaal dobberen

Laatst was de door iedereen uitgekotste Europariamentariër Adrian Severin (smeergeld) weer eens in het nieuws. Voortgang in zijn rechtszaak? Bekentenis? Eindelijk uit het EP gestapt? Think again! Hij was in het nieuws omdat hij bij een symposium een praatje hield over… corruptie in Roemenië. Nou zult u denken, dat is de juiste man want zo’n ervaringsdeskundige kan als geen ander vertellen over zijn malafide praktijken. Zo niet vertegenwoordigers van anticorruptieclub România Curată, die eerst Severin tijdens zijn praatje begonnen te jennen over aftreden en vervolgens heilig verontwaardigd waren dat ze door zijn supporters de zaal werden uitgebonjourd.

Maar dat terzijde: Ik ging lekker zwemmen dus die Severin kan de pot op.

Ons wijkzwembad heeft bij de ingang een hoge trap en om bij het eigenlijke bad te komen moet je weer een steile trap naar beneden. Dus al had ik doktersadvies om te zwemmen, ik moest uitwijken met mijn krukken.

Nicolae Ceausescu

Op aanraden van een kennis heb ik me geabonneerd bij Club Floreasca. Dit is een prachtig aan een meer gelegen fitness-/zwemclub met restaurant, in de rijke stinkerdsbuurt Dorobanți-Beller.

Ik las ergens dat het complex nog steeds eigendom is van de RAAPPS, een soort van Rijksgebouwendienst van Roemenië. Vast staat in ieder geval dat tot eind ’89 de belangrijkste klandizie werd gevormd door de Eik van de Karpaten en aanhang. Het restaurant schijnt erg treurig te zijn en de bediening van het puur communistische soort, maar Ceaușescu schijnt hier zijn laatste Oud&Nieuw te hebben gevierd, volgens deze Moldavische krant.

Het zwembad, waar ik mij nu drie keer per week op therapeutische basis in wentel, is geheel in oude stijl bewaard gebleven met de typische elementen die de periode zo karakteristiek maken: somber hout, beton en twee of drie geometrische basisvormen.

Vanuit het zwembad kijk je uit op een dennenbosje en het Floreasca-meer. De zwemmers zijn voornamelijk rustige, oudere mensen die hun dictator hebben overleefd.

En omdat alles zo authentiek bewaard is gebleven (lees: geen flikker aan onderhoud uitgevoerd in 20 jaar) denk ik bij ieder haakje waar ik iets ophang, bij iedere tegel en bij iedere ligstoel: zou ‘oompje Nicu’ ook dit haakje, deze tegel of die ligstoel hebben gebruikt? Zou de Eerste Zoon des Vaderlands hier op zijn spillebeentjes en in badslippers wat executies hebben bevolen? Zouden hier Marx en Engels galmend zijn geciteerd?

Ik voelde me ook een soort ramptoerist, die zich komt vergapen aan het leed dat een land is aangedaan. Maar toen ik geen Roemeen zag protesteren heb ik gewoon lekker gezwommen in de geschiedenis.

Uitgeperst

Afgelopen zomer heb ik via-via een redacteur van een krant leren kennen. Die krant was toen net overgestapt van een papieren bestaan naar een uitsluitend online uitgave. Het leek hem wel leuk om eens een Nederlander in de krant te hebben, en hij stuurde een journaliste op me af. Aan haar heb ik verteld waarom ik in Roemenië woon, wat er leuk aan is en wat niet, kortom: the works. Vervolgens hoorde ik er niets meer van, wat mij niet bevreemdde want zo gaan die dingen nu eenmaal.

Tot ik twee weken geleden werd gebeld door die journaliste. De redactie van de krant, met de mooie naam De Gedachte (Gândul), had besloten een serie te starten over buitenlanders in Roemenië met de titel ‘Waarom ik van Roemenië houd’. Men had zich mijn interview herinnerd, dat opgegraven, en er moest nu alleen nog een filmpje bij voor het multimedia-effect. Internetkrant, nietwaar?

Dus daar zat ik in de huiskamer met mijn gestreelde ijdelheid, keurig voor de camera te herhalen wat ik met de mevrouw besproken had. Net als van de zomer toen ik op de staatstelevee mocht. Ik hoefde gelukkig niet weer te lopen, dat ziet er op krukken altijd zo zielig uit. Enfin, twee dagen later zag ik mijn eigen moeilijk kijkende hoofd als hoofdartikel (no pun intended) op de site van Gândul. Voor de liefhebber: hiero. Ik zag aan de teller dat het een kleine 20.000 keer is bekeken (zoveel views haal ik met dit blog in geen honderd jaar). En wat vonden de mensen er nou van?

Niet veel goeds, aan de reacties onder het artikel te zien. Sommigen vermoedden dat ik werd betaald door het ministerie van Toerisme om iets leuks over Roemenië te zeggen. Anderen dachten dat mijn vrouw wel een sloerie zou zijn die een argeloze buitenlander naar hier had gelokt. En weer anderen hielden het erop dat ik in Nederland een mislukkeling was geweest en daarom maar in Roemenië mijn geluk was gaan beproeven.

Het zal iedereen wel overkomen die nietsvermoedend zijn verhaal vertelt in de media. Gelukkig ken ik die commentatoren niet en vonden de mensen die ik wel ken het artikel erg leuk. Ik prees in het interview dan ook de snelle ontwikkelingen op het gebied van welvaart en openbare voorzieningen, de mooie parken in de stad en de gastvrijheid en sociale voelhorens van de meeste Roemenen. En dat meen ik ook echt.

Een ding viel me wel op aan de commentaren. Ik werd bevestigd in mijn theorie dat Roemenen in staat zijn om overal een samenzwering achter te zien. Wat voor de redacteur, journalist en betrokkene in de vorm van mijn persoontje gewoon een aardig idee leek en wat human interest voor de herfst, lijkt voor de Roemeense krantencommentator een complot waarin ik tegen betaling de kliek van minister Udrea aan reclame help.

Als ik over dit merkwaardig sterk ontwikkelde talent begin, zeggen vrienden hier altijd dat het door het communisme komt. Dat kan best. Ik zie een gat in de markt: voor een geslaagd sf-scenario hoef je niet verder meer te zoeken dan de man in de Roemeense straat. Aluhoedjes aller landen, verenigt u.

Een lekker lage staatsschuld

Sommige infographics zijn gewoon statistiekporno. Deze bijvoorbeeld http://www.nrc.nl/interactieve-kaart-economische-crisis-in-de-eu/ is een lust voor het oog en je ziet meteen dat Roemenië er heus niet het slechtst voorstaat in de EU. Afgezien van het feit dat we het armste EU-land zijn.

Af en toe lees ik in de Roemeense pers tevreden teksten als: ‘Wij werden altijd als de economische onderknuppels van Europa beschouwd, maar kijk die Grieken en Spanjaarden nou eens nat gaan terwijl wij op tijd hebben bezuinigd’. Roemenen zijn in collectief absoluut niet borstklopperig, dus een dergelijk bericht wil wat zeggen.

Toch is het aardig om de Roemeense stand van zaken eens te annoteren. Eerst die staatsschuld, want dat is in Roemenië een gewichtige kwestie. Onder dictator Ceaușescu heeft het land jaren kromgelegen omdat het regime per se autarkisch wilde zijn en geen buitenlandse verplichtingen hebben. Jarenlang werd de export kunstmatig hoog gehouden en de import heel laag, er werd honger geleden maar toen de revolutie uitbrak was de buitenlandse schuld nul. En die is dus in de 22 jaar sinds de revolutie gestegen tot 30% van het BNP, weinig in vergelijking met vele landen (voor Nederland is het percentage 62,7) maar je begrijpt dat de gemiddelde Roemeen er niet blij mee is. Die heeft jarenlang gebrek geleden en ziet nu politici al dat geld verpatsen.

De Roemeense werkloosheid lag in 2010 op 7,3 en dat is maar 0,5 procentpunt hoger dan in 2001. Vergeleken met de meer dan 20% Spanjaarden zonder werk is dit een prima prestatie. Helaas zijn de Roemeense statistieken niet een goede afspiegeling van de werkelijkheid (over de Spaanse weet ik het niet). Het overheidsapparaat (belastingdienst, arbeidsinspectie, gemeentelijke diensten en vele andere) is erg zwak in Roemenië en veel mensen werken helemaal of voor een groot deel zwart. Die komen dus niet voor in de officiële statistieken.

Tot slot het begrotingstekort. Ook dat is een Europese middenmoter maar dat is niet aan de Roemeense regering te danken. Toen het goed ging (grofweg 2004-2008) vond de regering het leuk om geheel procyclisch met geld te smijten, maar bij het aanbreken van de crisis moest snel het IMF worden gebeld om een gierend uit de klauwen lopende begroting te fatsoeneren. De vertegenwoordiger van die club, de heer Jeffrey Franks, is in Roemenië sinds 2009 bijna wekelijks in het nieuws en fungeert als boeman of redder van het vaderland, afhankelijk van de waan van de dag. Enfin, de regering moest van het IMF toen flink bezuinigen en heeft de ambtenarensalarissen met 25% gekort. De btw is verhoogd naar 24% toen het constitutioneel hof het belasten van de pensioenen verbood.

De Roemeense regering was (en is) helaas niet in staat tot het nemen van meer specifieke maatregelen. Voor fiscale finetuning, een hogere fiscale discipline of gericht stimuleringsbeleid is de overheid veel te zwak. De paardemiddelen van het IMF hebben, samen met het alom geprezen bestuur van de nationale bank, de rust in de Roemeense economie gehouden. Als in de rest van Europa straks de groei weer begint zal Roemenië daar een jaar achteraan hobbelen, maar ome Jeffrey heeft het land behoed voor Griekse toestanden.

Berichtnavigatie