Tagarchief: roemenië

Vrije pers in Roemenië

In het Roemenië van de jaren negentig en nul was de schrijvende pers per stuk te koop op elke hoek. Krantenabonnementen waren er weinig. Na 2010 verdwenen papieren kranten uit het straatbeeld (er is er nu nog één, een boulevardblad voor ouderen). Het nieuws werd voortaan aangeboden op websites.

Naast de influencers en burgerjournalisten van Facebook en TikTok zijn er op dit moment veel nieuwswebsites in de lucht met professionele redacties. Die zijn vaak klein (minder dan 10) maar moeten ergens van betaald worden. Het geld komt uit reclame. Roemenen zijn het nooit gewend geworden om voor online informatie te betalen.

Dat maakt nieuwsredacties vatbaar voor beïnvloeding. Wiens brood men eet, diens woord men spreekt. Grote reclamebudgetten zijn vaak ook in handen van bedrijven uit bepaalde sectoren (gokbedrijven, onroerendgoedbazen) en lokale overheden of politieke partijen. Ook als die sponsors niet rechtstreeks de inhoud van artikelen bepalen, maakt het veel uit dat zij zorgen voor het brood op de plank.

Tegen de stroom in zijn er de laatste tijd wel degelijk nieuwe, onafhankelijke journalistencollectieven actief, met videoreportages (zoals recorder.ro), onderzoeksjournalistiek (riseproject.ro of snoop.ro), of lokaal nieuws (buletin.de of info-sud-est.ro). Die worden behalve door reclame betaald uit donaties en door fondsen betaalde projecten. Hoe diverser de financiering, hoe minder de afhankelijkheid van een paar grote sponsors en hoe groter de kans op speaking truth to power.

Nu heeft een voormalig journalist onlangs bedacht hoe je likes kunt omzetten in donaties. Op de site presspay.ro kan je je opgeven als sponsor voor een vast bedrag per maand, vanaf tien euro (het gemiddelde netto maandsalaris in Roemenië is 1100 euro). Vervolgens kan je op aangesloten sites onder artikelen die je leuk vindt op een knop klikken. En aan het eind van de maand wordt je donatie aan de hand van je likes op een site naar rato omgezet in een bijdrage voor die site. Je hoeft dan maar op één plek te doneren om veel sites te sponsoren. Simpel, aansprekend, hopelijk een succes.

Zo’n succes is hard nodig. In Roemenië is de kleine corruptie de afgelopen twintig jaar flink gedaald. Aan het ambtenarenloket, bij de verkeerspolitie is het niet meer normaal om smeergeld te betalen. Maar de grote corruptie, het afromen van grote infrastructuurcontracten bijvoorbeeld, vermindert niet. Een functionerende vrije pers is een voorwaarde om die corruptie kleiner te maken. Gelukkig is het geen land waar de overheid de pers zomaar kan negeren. Reportages kunnen grote namen beschadigen. Slimme crowdfunding kan die reportages mogelijk maken.

Politieke betrokkenheid van de Roemeense kerk

Bron: adevarul.ro

Roemenië is zo’n beetje het christelijkste land van Europa. Bijna alle Roemenen noemen zich orthodox, Roemeens-orthodox. De kerken zitten vol. Het standpunt van de kerk over maatschappelijke thema’s heeft daarom veel invloed.

De Roemeense kerk wordt geleid door patriarch Daniel. Kerkelijk Roemenië is opgedeeld in een soort bisdommen, elk geleid door een mitropoliet. Die functionarissen hebben afhankelijk van hun eigen karakter en ambities, en hun populariteit onder de achterban, een grotere of kleinere stem in het maatschappelijk discours. Sommige zijn zeer conservatief, andere wat minder.

Het vaakst gaat het in de pers over de mitropoliet van Constanța, Teodosie (foto). Vorig jaar kwam hij in het nieuws omdat hij op de verborgen camera corrupte handeltjes goedkeurde en dat bovendien de gewoonste zaak van de wereld leek te vinden. Dit leverde hem een strafzaak op, die nog loopt.

Teodosie staat verder bekend om controversiële meningen. Een mishandelde vrouw werd meegegeven dat zij maar gewoon haar kruis moest dragen. Vrouwen mogen geen oorbellen dragen. God luistert niet naar de gebeden van rokers. Poetin is een vredestichter en heeft kerken laten bouwen.

Die laatste uitspraak gaat verder dan het vermanen van parochianen, hoe mal die vermaningen ook zijn, en brengt Teodosie in conflict met zijn baas Daniel. Vooral nu hij ook nog beweert dat Călin Georgescu, de complottheorieën spuiende Poetinfan die president van Roemenië wil worden en een grote aanhang heeft, ‘door God gezonden’ is. De patriarch heeft de bisschop nu een schriftelijke reprimande gegeven en hem gedreigd met ontheffing uit zijn functie.

Tegelijkertijd werd ook een andere bisschop berispt, die juist gewaarschuwd had tegen Georgescu. Zo probeert de kerk een te grote betrokkenheid bij politieke meningsverschillen te vermijden.

Maar achter de schermen kleeft de kerk tegen de macht aan. Dat was tijdens het communisme al zo, wellicht als overlevingsstrategie. Het is bekend dat priesters in veel parochies ongehinderd deze of gene burgemeesterskandidaat of partij promoten en dan gaat het niet om progressieve of liberale partijen. Georgescu ligt met zijn ‘Blut und Boden’ goed bij een conservatief deel van de priesters, die net als hij verlangen naar een puur en zuiver Roemenië, vrij van Hongaren, Joden en andere niet-ortodoxen. Het is de nationale variant van het fascisme, die sinds het begin van de twintigste eeuw nooit is verdwenen.

Altijd dat geklaag

Vanochtend was op de radio dat de levensverwachting in Roemenië de afgelopen 25 jaar met 10 jaar is gestegen. Een prima ontwikkeling zou ik zeggen – geeft de communismenostalgen mooi het nakijken. Bovendien weten u, ik en de andere goed geïnformeerde burgers dat een hogere levensverwachting in hoofdzaak te danken is aan twee dingen: beter eten en betere zorg. Allemaal goed nieuws. Maar de headline van het nieuwsbericht was dat Roemenië het op twee na kortst leeft in de EU.

Vorige week had ik het met collega’s over parkeren. Parkeren is een probleem en daar klagen veel mensen terecht over. Maar een beetje perspectief is nooit weg. In 1990 waren er in Boekarest 10 keer zo weinig auto’s, en geen parkeergarages. Nu zijn er talloze parkeervoorzieningen en in het centrum hebben ze zelfs een stuk of vijf, zes parkeergarages gegraven. Er is geen enkele overheid die een vertienvoudiging van het aantal auto’s in 25 jaar kan oplossen. Maar als je ziet hoeveel viaducten en wegverbredingen er de afgelopen 10 jaar zijn aangelegd, zie je wel dat de gemeente zijn best doet.

En dan corruptie. Laatst was ik op een Ubertocht met als chauffeur een politieman (van de jandarmerie). Door zijn wisselende diensten had hij tijd over om bij te beunen. We hadden het over de toestand in het land en uiteraard gaf hij aan dat ‘ik helaas niet de kans heb gegrepen om te emigreren, er is niets veranderd hier en er gaat ook niets veranderen’. En toen ik zei dat er toch de laatste jaren stoute politici met bosjes achter de tralies worden gezet, kon hij melden dat de echte bazen nog steeds vrij rondliepen. Op zich kan dat best, maar als je bedenkt dat Roemenië 25 jaar geleden werd geregeerd door een communistische dictator, dat vervolgens ondanks een volksopstand de communistische elite gewoon aan de macht is gebleven met hun corruptie en nepotisme, dan zijn de resultaten gewoon heel goed. In 25 jaar hebben de Roemenen (met hulp van de EU) een volledig verrot rechtssysteem omgeturnd tot een werkend systeem met een aantal rotte plekken.

Zou het zo zijn dat de Roemenen naast hun latijnse bloed een shot Slavische – of sterker nog, Hongaarse – mistroostigheid hebben meegekregen? Ik vermoed van wel.

En dan nog dit: U merkt dat het aantal stukjes flink afneemt – dat komt omdat ik nou 2 kinderen heb, 2 banen heb, in 2 talen stukjes schrijf en me inlees in een 2e rechtssysteem.

 

Bijna geplet door een geel Hollands monster

Vanochtend bracht ik de oudste en een buurmeisje naar de ritmiesegimmestiekles, dat wordt gratis aangeboden door de gemeente. Pomtiedom en een lekker zonnetje. Werd ik me daar bij het linksafslaan toch bijna omver gewalst door een stadsbus met als reclame erop een enorm logo van de Frico. Hollandse kaas!

Roemenië wordt steeds Nederlandser. Je kunt nu gewoon pindakaas van de Calvé krijgen in de supermarkt (die eigendom is van Albert Heijn, ook al heet hij niet zo). Stroopwafels, geen probleem. Er zitten hier een enorme hoop Nederlandse bedrijven, of buitenlandse bedrijven met Nederlanders in dienst. Dat merkte ik weer eens bij de jaarvergadering van de Nederlands-Roemeense Kamer van koophandel.

Zelf werk ik een deel van mijn tijd bij een Nederlands bedrijf en van mijn andere klanten zit een belangrijk deel ook in Nederland. Het is bijna geen emigreren meer, zo geïntegreerd is het allemaal in Europa.

Ook de mensen worden steeds Nederlandser. Er groeit in de hoofdstad een middenklasse met rijtjeshuizen in buitenwijken, spaarrekeningen en lease-auto’s, vakanties in Griekenland en doorgroeimogelijkheden op het werk. Ik zou bijna zeggen, mijn werk is gedaan en tijd om te gaan.

Maar, wie zal er dan nog verslag doen over Boekarestse wederwaardigheden?

Tijd voor kinderen

De vraatzuchtige kabouter die sinds drie weken bij ons woont, houdt ons ’s nachts wakker en de gemoederen bezig. Het prachtigste wezentje dat je ooit hebt gezien, behalve haar grote zus dan. Wij zitten deze laatste week van het jaar lekker te cocoonen, de hele dag op de bank met the history channel. Van de resten van het kerstoffensief van mijn schoonmoeder kunnen we nog zeker een week eten. Over de salata boeuf (waar veel inzit, maar vooral geen rundvlees) heb ik twee dagen gedaan. En met de glühweinwijn kunnen de halve flat dronken voeren (maar we drinken alles lekker zelf op).

De kleine Liza is aangegeven bij de gemeente en bestaat nu echt. Zij is geboren in Sector 1 van Boekarest, alwaar in de schaduw van de Triomfboog (1e Wereldoorlog) de nijvere ambtenaren de gegevens van de jonge belastingbetalertjes voor de eeuwigheid vastleggen. Zelf gezien.

Als jonge ouders flaneren wij door het immense park in ons arbeidersparadijs. De zwerfhonden zijn opgeruimd, links en rechts verrijzen winkelcentra en het lijkt wel of de hardlopers zich iedere week vermenigvuldigen. Het is belachelijk warm deze kerstperiode. De eendjes die in andere jaren ternauwernood een wak openroeien, denken nu al stiekum aan de lente.

Je wereld wordt een tijd heel klein, met een nieuw mensje in huis. Klein, overzichtelijk en geordend volgens het ritme van eten, verschonen en slapen. En over de voornemens voor 2016 hoeven we geen seconde te denken. Met onze ondernemende Duitse buurman, die in 3d-printers doet, zeggen wij: “Het hele jaar richten we ons op de groei!”.

Lieve lezer: Houd u goed in 2016. Onthoud: Ook een jaar is maar een jaar.

 

Waar woon ik?

Roemenen hebben vaak een minder concrete verhouding met hun topografie: ze weten niet waar ze zijn, en ook niet waar ze heen moeten.

Daarachter komen wordt de alhier ingezetenen dan ook niet makkelijk gemaakt. Straatnaambordjes zijn er uitbundig veel, alleen niet waar je ze zou verwachten. Richtingaanwijsborden zijn schaars. Huisnummers? Niet vanaf de straat te ontcijferen. Een huisnummer bestaat in Roemenië vaak uit een Bloc-nummer (flatgebouw) in een letter-cijfercombinatie. Bloc X13, bijvoorbeeld. Veel ‘blokken’ zijn erg groot en hebben dus meerdere ingangen. Zo’n ingang heet een ‘Scara’ (trappenhuis). Dan heeft ieder appartement een nummer en bovendien een etage-aanduiding. In de flat staat namelijk nooit zo’n handig bordje met ‘nrs. X t/m Y, die-en-die etage. Onze vriend de heer M. Cozma woont bijvoorbeeld op : Strada Baba Novac nr. 15, Bloc N8, Scara 3, Etaj 7, Apartament 67. Sector 3, Boekarest.

Kom je dus per auto in een vreemd stadsdeel, dan zal je moeten gokken waar welk bloc is en welke scara, want het bordje dat dat aangeeft is alleen van heel dichtbij te zien. Als je de straat al kan vinden. Roemenen zijn heel behulpzaam bij het wijzen van de weg. Het is me regelmatig overkomen dat iemand helemaal meeliep naar waar ik moest zijn, terwijl hij zelf de andere kant uit moest. Alleen dan moeten ze dus zelf wel weten waar ze zijn.

Vraag 10 willekeurige Boekarestenaars in een willekeurige straat in Boekarest hoe die straat heet, en ongeveer de helft zal het weten. Vraag naar een willekeurig niet al te achteraf straatje in een straal van, 200 meter en het aantal respondenten slinkt tot 2. Overigens is dat in Amsterdam ook zo, maar daar heb je meer toeristen. 

Had u gezien dat in het adres hierboven geen postcode staat? Die zijn er wel, maar niemand weet zijn postcode. Postcodes zoeken is dan ook geen eenvoudig karwei. Dan moet je eerst de straat weten en op de Roemeense versie van postcode.nl (www.cod-postal.ro) heeft de straat vaak een andere schrijfwijze dan op de bordjes. De straat waar wij wonen heeft 2 verschillende bordjes-versies plus nog een andere op die site. Datzelfde geldt voor de straat waar mijn kantoor is gevestigd. En toch is het hier al in de seventies ingevoerd.

Soms denk ik weleens dat men het expres ingewikkeld heeft gemaakt om goed excuus te creëren om te laat te komen. Over te laat komen een andere keer meer.